Sessie 14: A Betrayal of Goblins and Dwarves

Jullie gingen de trap af, daaronder stonden standbeelden jullie op te wachten. Deze standbeelden waren specifiek Aasimar die in een gevechtspositie stonden. Jullie vonden ook meerdere gangetjes die onheilspellend naar beneden gingen… de duisternis in. Dit was natuurlijk geen probleem voor onze licht hebbende helden die snel een paar onheilspellende trappen af gingen. Hieronder vonden jullie een sarcofaag met allemaal vreemde symbolen op de vloer (een aantal waren niet eens herkenbaar). Aan de andere kant vonden jullie een soortgelijke kamer met andere symbolen… een puzzel dus! Onze helden wisten dat ze snel weg moesten komen, puzzels zijn immers voor nerds.

Jullie gooiden een muntje op voor welke gang jullie volgende slachtoffer zou worden en Arthian begon eens stemmen in haar hoofd te horen, wist ze ook hoe het was. Badur werd uitgemaakt voor het ‘mindere geslacht’ en toen jullie verder naar voren liepen kwam uit een oude sarcofaag wat kruipen… Arthian gebruikte haar enorme spierkracht om de sarcofaag snel dicht te duwen en zorgde dat wat voor slangig wezen daar ook in zat niet eruit kon komen. Maar nu zat Arthian vast! Gelukkig konden Allegro en Badur een standbeeld optillen om… uh oh.

Het standbeeld kwam van de tegel af en de tegel kwam omhoog, bevrijd van het gewicht dat het tegenhield. Jullie hoorden verschillende klanken in de muren, van mechanismes die begonnen te werken tot een slibberend geluid van een groot wezen. Jullie hoorden een van de soldaten die jullie bij de trap hadden achter gelaten schreeuwen, jullie renden terug en het gevecht begon.

Jullie zagen verschrikkelijke nieuwe ‘’Boneshard Skeletons’’, die versplinterden om je nog te pijnigen zelfs nadat ze (opnieuw) dood waren. De soldaten en Badur zouden deze pijn ook zeker merken.

De skeletons waren bijna opgeruimd toen jullie het hoorden, een verschrikkelijk slibberend geluid kwam uit de hal achter jullie, iedereen (behalve een enkele soldaat) sloot hun ogen en een blind gevecht begon! Badur en Arthian konden nog wat zien maar Faäi en Allegro begonnen blind hun spreuken te gooien. Tja… een Fireball kan haast niet missen en het monster was groot genoeg dat zowat elke Sunbeam in de goede richting wel het doel zou treffen. Na een gevecht en een Wall of Fire besloot de grote Basilisk dat hij er genoeg van had gehad en hij slibberde weg.

Jullie gingen er achteraan en vonden een lantaarn in een zuur bad. In de lantaarn zat een groen brandende vlam. Badur ‘’zag’’ dit maar de rest moest met hun ogen dicht hier netjes langs.

Jullie gingen verder de duisternis in, Badur vond een heel eng figuur die hem probeerde te dispellen, gelukkig had Badur zelf ook magische trucjes en hij gebruikte counterspell om dit te voorkomen.

Het gevecht was weer begonnen! Een machtige priester van Bane, nu een Banelich, stond voor jullie, er kwamen veel skeletten uit de verschillende grotten en het slibberende geluid konden jullie weer opvangen met jullie gehoororganen.

De Banelich begon met een simpele spreuk, om zijn doelwit te verzwakken, hij maakte zich klaar voor de genadeklap wanneer een longsword door zijn strot heen de kaak er recht af haalde! Zelfs geen magische spraak kwam uit zijn nu missende strot. De Banelich was hierdoor al deels uitgeschakeld…

De Basilisk werd verblind door Allegro’s glitterende glorie die recht door de Banelich en een aantal skeletons heen scheen! Och wat een pracht! Veel skeletons konden dit al niet aan, Faäi ruimde de andere skeletons op met een vuurbal. De basilisk bezweek aan Allegro’s zieke magie en Badur maakte de Banelich af. Helaas voor jullie kwam een Roper ook nog uit de schaduwen achter jullie! Hij greep Arthian, Faäi en Blob vast en Arthian was een aantal keren best pittig dichtbij sterven door dit vervelende wezen. Allegro zorgde dat de Banelich nog een goede dosis zon kreeg zodat hij geen vitamine-D tekort kreeg. Wat een goede ziel!

De Roper was net uitgeschakeld toen ook nog wat Assassins het feestje kwamen bijwonen. Jullie gingen heen en weer met verstoppen en nadat jullie dachten de assassins weggejaagd te hebben kwamen ze julie pesten toen jullie probeerden een broodje pindakaas te eten. Na nog een spelletje verstoppertje kreeg Arthian er eindelijk eentje naar, Blob zag de andere en Badur smeet een firebolt richting Blob’s geblaf. De assassins waren eindelijk neer…

Jullie gingen weer terug naar de kamer waar jullie eerst probeerden te rusten, jullie zagen brieven, boeken en plannen en tijdens het eten gingen jullie deze bekijken (zonder te knoeien hoop ik!).

Jullie vonden plannen om Schloss Obarskyr, het kasteel in het midden van Suzail, de hoofdstad van Cormyr, binnen te dringen en koningin Raedra Obarskyr af te maken. Jullie vonden verder nog dat er contracten open stonden op een aantal figuren, jullie herkenden ene Greybor en ene Prince Imrik the Dragon Lord of Caledor.

Jullie vonden ook een mooi doosje die Arthian besloot open te doen… tja dat was helaas niet de phylactery!

Tussen de kast met archieven vonden jullie niet veel interessants, maar op een hele centrale plek in de kast lag een groot boek met donkerrode kaft. Jullie deden deze open en zagen een bewegend beeld van wat jullie ALLEMAAL herkende als Malboge, de zesde laag van Hel. Jullie zagen een figuur uit de zijkant het frame in lopen en het begon naar jullie te kijken toen het boek snel werd gesloten. Allegro adviseerde om het boek te laten liggen hier maar Badur vondt zijn intellect superieur en besloot naar zichzelf te luisteren, Badur nam het boek mee.

Jullie gingen ook nog door wat privé brieven van ene “Adran”. Hij had veel geschreven naar iemand genaamd “One-Eye”. Ze hadden het over de aankomst van nieuwe Bane aanbidders, de aftakeling van hun orde, die vervelende dwerg die hun dolk gestolen had en het belang van de lantaarn met de groene vlam. Uit de brieven leek het wel alsof deze “One-Eye” bevelen gaf aan “Adran”.

Jullie gingen naar de lantaarn en Badur haalde deze netjes door de wand van zuur op door middel van een Mage Hand spreuk. Echter, zodra de lantaarn verplaatst werd voelde jullie alles schudden! Het zuur was omhoog aan het komen! Jullie gingen snel rennen!

Arthian was super snel op zichzelf, Faäi veranderde in een gigantische adelaar en nam Allegro mee en Badur gebruikte Dimension Door om spoedig richting de uitgang te gaan. Uit de verschrikkelijke gangen en terug bij de natuurlijke grot stonden jullie voor de keuze, stroomopwaarts of stroomafwaarts, jullie wisten dat stroomafwaarts een uitgang was en jullie gingen snel richting die kant! Badur gebruikte Spider Climb om zijn benen van het nu hoog staande zuur te beschermen. Arthian zag wat zuur lopen in de grot waar zij wat misselijkmakende kleine groene kwaadaardige wezens had gezien. Zij kon het niet laten, zij schreeuwde naar Faäi en Allegro om haar te helpen deze wezens te redden maar Faäi wilde Allegro eerst veilig neerzetten voor ze echt wat kon.

Arthian stond er alleen voor, ze ging de grot in en begon de goblins te pakken, helaas had ze maar twee armen dus ze moest er al twee van de vier kiezen. De twee ongekozen goblins hoorde ze nog wegsmelten terwijl ze twee goblins richting veiligheid begon te brengen. Alleen… ze begon te denken… samen met de goblins was ze te langzaam om op tijd uit de grot te komen, ze stond voor een keuze… Arthian wist wat ze helaas moest doen, ze worstelde de goblins die ze net had veiligheid had beloofd van zich af, ze stribbelde tegen maar tegen Arthians machtige spieren stonden ze geen kans… de goblins vielen naar beneden en hun schreeuwen werden snel gedoofd door zuur dat hun monden vulde. Wat moeten de goblins in hun laatste moment gedacht hebben?

Ach… je kan niet altijd alles redden. De groep kwam veilig buiten en ze stonden nu boven op de klif waar ze zuur uit zagen stromen richting de Wetwoods. Arthian was stil, ze moest nu altijd leven met de vraag: “Wat als er stroomopwaarts ook een uitgang was?”.

Driak, Vard, Glegz en Sraacs waren vier hele speciale goblins. Ze lieten mij nogmaals inzien waarom onderwijs en een veilige omgeving zo belangrijk is. Zij hadden niet een veilige omgeving om te groeien en te ontwikkelen, maar stonden er alleen voor. Dat maakte ze een makkelijk doelwit voor de pedofiele-kindermoordenaar-cult waar Bane het gezicht (of eigenlijk de hand) van is. Het waren goblins die geen leraar hadden van wiens fouten ze konden leren zonder deze zelf te begaan, het waren goblins zonder tweede kans. Meer dan ooit weet ik waar ik het allemaal voor doe: om goblins zoals deze te beschermen, zodat hun toewijding aan hun god niet veranderd in een vroege dood door hun god.